Beloningsbeleid

Lindorff committeert zich aan de gestelde eisen vanuit De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en wettelijke regels, zoals de Wet Financieel Toezicht en de Wet beloningsbeleid financiële ondernemingen (Wbfo).

Conform de Wbfo hanteert Lindorff een zorgvuldig, beheerst en duurzaam beloningsbeleid, waarbij rekening wordt gehouden met de lange termijn doelstellingen en het maatschappelijk draagvlak. Het beloningsbeleid van Lindorff is eenvoudig en transparant en kenmerkt zich door aandacht voor alle stakeholders van de onderneming: klanten, medewerkers, businesspartners, de aandeelhouder en de maatschappij.

Het beloningsbeleid van Lindorff is er op gericht om niet aan te zetten tot klantbenadeling of het nemen van onverantwoorde risico's. Lindorff heeft geen medewerkers in dienst met een jaarlijkse beloning van € 1 miljoen of meer. De variabele beloningen binnen Lindorff bedragen niet meer dan 100% van de vaste beloning op jaarbasis en zijn gemiddeld genomen lager dan 20% van de vaste beloning op jaarbasis. In 2016 is het totaal uitgekeerde bedrag aan variabele beloningen aan werkzame personen: EUR 0,2 miljoen. Dit had betrekking op de bonussen uit 2015.

In het beloningsbeleid is een nadrukkelijke koppeling gemaakt tussen het performancebeleid (functionerings-/beoordelingscyclus) van Lindorff en de systematiek van variabel belonen. Hierbij wordt zowel naar niet-financiële als financiële criteria gekeken. Bij onvoldoende tot matig functioneren, indien een medewerker niet voldoet aan passende normen van bekwaamheid en correct gedrag of indien een medewerker verantwoordelijk was voor gedragingen die ertoe hebben geleid dat de financiële positie van de onderneming aanmerkelijk is verslechterd, wordt er minder tot geen variabele beloning uitgekeerd. Lindorff kent aan medewerkers geen gegarandeerde variabele beloningen toe.

Lindorff keert geen vertrekvergoeding uit indien een medewerker vrijwillig de arbeidsrelatie vroegtijdig heeft beëindigd, bij ernstig verwijtbaar handelen of nalaten of bij falen van de onderneming indien de betreffende medewerker het dagelijkse beleid bepaalt. Bij ontslag bedraagt de vergoeding voor een bestuurder maximaal eenmaal het vaste jaarsalaris.

De interne toezichthouders keuren de algemene beginselen van het beloningsbeleid goed, toetsen de algemene beginselen van het beloningsbeleid periodiek, zijn verantwoordelijk voor het toezicht op de tenuitvoerlegging van het beloningsbeleid en dragen er zorg voor dat tenminste eenmaal per jaar een centrale en onafhankelijke interne beoordeling plaatsvindt om de tenuitvoerlegging van het beloningsbeleid te toetsen op naleving van het beleid en de procedures voor de beloning die de interne toezichthouder heeft aangenomen.